Percussie - Geschiedenis
Volgens anthropologen en historici zijn percussie instrumenten waarschijnlijk een van de eerste muziekinstrumenten ter wereld. De menselijke stem werd als eerste gebruikt om muziek te maken, maar handen en voeten en daarna stokken en stenen volgden snel daarna in de evolutie van de muziek.
De eerste percussie instrumenten waren gewoon voorwerpen die tegen elkaar aan werden geslagen om zo geluid te produceren. De mensen ontwikkelde voor het dagelijks leven gereedschap om mee te kunnen jagen en om te kunnen gebruiken bij de landbouw. Deze vaardigheden zetten ze ook in bij het vervaardigen van steeds complexere instrumenten. Een simpel blok hout werd bijvoorbeeld uitgesneden om er hardere geluiden mee te kunnen produceren. Hierdoor ontstonden de trommels en hiervan is bekend dat ze 6000 BC al bestonden! Ze werden gebruikt door alle grote beschavingen in de wereld.
Percussie instrumenten hebben bijna overal een grote ceremoniele en symbolische waarde. Bepaalde trommels symboliseren en beschermen de koningen van de diverse stammen in grote delen van Afrika. Ze werden ook gebruikt om boodschappen over te brengen over grote afstanden.

Ook speelden ze een grote rol in de Middeleeuwen en in de Renaissance in Europa. Trommels werden gebruikt in het leger om gecodeerde instructies aan de soldaten door te kunnen geven.
Er zijn veel verschillende soorten percussie instrumenten. Sommige maken geluid door de vibratie van het geheel instrument, denk maar eens aan een triangle of een Hi-hat. De meeste maken geluid doordat er op een membraan word geslagen. Hieronder valt ook de djembe. Er zijn ook instrumenten waarbij het membraan geluid maakt niet door er op te slaan maar door met een snaar of stok langs een opening in het membraan te strijken.
De djembe wordt sinds ongeveer 1300 gebruikt door de mensen uit west-afrika. Deze trommel is door de jaren heen verder ontwikkeld en heeft nu een groot deel in het dagelijks leven in o.a. Mali, Guinea, Senegal, Ivoorkust, Togo en Benin. Sociale gelegenheden hebben hun eigen liederen en dansen. Ze worden gezongen door de Griot, of verhalenverteller, en begeleid door de percussionisten, zangers en dansers. Ze vertellen over grote leiders of eren bepaalde taken/werk, bijvoorbeeld jagen.
In 1950 begon de djembe ook aan populariteit de winnen buiten Afrika toen Les Ballet Africains van Fodeba Keita op wereldtournee ging. Inmiddels zijn er ook in Europa vele afrikaanse muzikanten die niet alleen de traditionele west-afrikaanse stijlen spelen maar ook nieuwe stijlen. De rijke oude tradities moeten worden bewaard en nieuwe mogelijkheden worden ontwikkeld.